GESCHIEDENIS
In 1990 werd min of meer bij toeval een nest met drie eieren van een Grauwe Kiekendief gevonden in de Carel Coenraadpolder. Door eendrachtige samenwerking met vogelaars, boeren en de groenvoederdrogerij BV Oldambt kwam dit legsel uit. In augustus zagen vogelaars boven de Dollardkwelders drie uitgevlogen jongen vliegen.
Nederlandse ornithologen hadden de soort al afgeschreven en het zou een kwestie van tijd zijn of de Grauwe Kiekendief zou geen regelmatige broedvogel meer zijn in het Nederlandse landschap. Achteraf bezien bleek dit succesvolle nest het begin te markeren van een herstel van de Nederlandse populatie Grauwe Kiekendieven.
Nestbescherming in samenwerking met de akkerbouwers leidde tot meer uitgevlogen jongen. De broedpopulatie werd van jaar tot jaar groter. Met de groei van de populatie steeg ook het aantal vrijwilligers dat betrokken raakte bij het beschermingswerk op de Oost-Groningse akkers. Het enthousiasme werd aangewakkerd door het succes van de Grauwe Kiekendief; de vrijwilligers merkten dat zij een belangrijke bijdrage leverden. Er werden regelmatig lezingen, borrels, tellingen en andere activiteiten georganiseerd om vrijwilligers te binden en te enthousiasmeren voor het cruciale beschermingswerk. Anno 2010 zijn zo’n 150 vrijwilligers bij de werkgroep aangesloten.

Anneke Nieuwenhuis en een jonge Ben Koks in Bellingwolde - 1992 © Martijn de Jonge   (klik voor vergroting)
Anneke Nieuwenhuis en een jonge Ben Koks in Bellingwolde
- 1992 © Martijn de Jonge